2018-10-13

Lustrales La Gomera 2018

Ik heb me laten vertellen dat elk van de Canarische Eilanden een eigen beschermheilige heeft, die eens in de vijf jaar zijn of haar heiligdom verlaat en een rondreis maakt naar alle parochies op zijn of haar eiland. De feesten rondom deze gebeurtenissen worden de "Lustrales" genoemd.

En dit jaar zijn er Lustrales op La Gomera. Dit betekent dus anderhalve maand lang concerten, markten, een kermis, evenementen in klederdracht, optredens van komieken, kinder-karaoke, live TV uitzendingen en verfraaiing van de stadjes met kunstwerken, fruitbogen en sfeerverlichting.

Het hart van de Lustrales is de aankomst van de beschermheilige. In het geval van La Gomera is dit de Virgen de Guadalupe.

Deze Heilige Maagd deed San Sebastian, de hoofdstad van La Gomera, dit jaar aan op 8 oktober. En het bleek dat dit voor de eilandbewoners zo ongeveer de gebeurtenis aller gebeurtenissen is. De dagen voor de aankomst arriveerden er al meer mensen met de veerboten dan normaal waardoor er geen terrasstoel meer vrij was en de jachthaven was ineens vol. Tevens werden de toiletten, douches en wasmachineruimte van de haven afgesloten. Op de ochtend van de dag van aankomst was het hek volledig van de dam. Het gros van de boten van de lokale bewoners werd versierd, op de steigers van de jachthaven krioelde het van de groepen mensen die allemaal op bezoek gingen bij de jachten die in de dagen ervoor waren aangekomen, TV camera's en een podium van Television Canaria waren present op het plein en het strand voor een live-verslag en strand en wegen waren deels afgezet.

Een fotoverslag van de aankomst.

Het strand, dertig minuten voor de aankomst. De eerste mensen zijn al in het water en vermaken zich door water naar elkaar op te spatten onder het uitroepen van "Viva la Virgen de Guadalupe!"

Een marineschip dat de dag voor de intocht arriveerde, leidt de vloot van vissersbootjes en pleziervaartuigen die de kotter met de heilige maagd begeleid. Een stoot van de hoorn van het schip veroorzaakt een mengsel van vreugde en hysterie onder de mensen die in het water staan. "Viva la Virgen de Guadalupe!" wordt nu ook geroepen door honderden mensen op de wal. Dit blijft doorgaan. Veel van hen dragen identieke medaillons met daarop een afbeelding van de Virgen de Guadalupe. Twee rijen dansers in klederdracht tussen de dranghekken op het strand zijn al enige tijd aan het dansen onder begeleiding van ritmische, traditionele muziek.

De vloot van vissersbootjes en jachten die eerder de haven uitvoer, is grotendeels gearriveerd. De rijk versierde kotter achter in het midden van de foto vervoert het beeld.

Het beeld wordt overgeladen op een sloep omdat het water te ondiep wordt voor de kotter.

De enthousiaste menigte in het water zwemt de sloep tegemoet om het beeld in ontvangst te nemen. De bemanning van de sloep moet meerdere malen waarschuwen dat de sloep door het getrek kan omslaan.


In ondieper water lukt het eindelijk om het beeld aan de ongeduldige menigte te overhandigen.

Het beeld wordt aan land gebracht. Dit strand was dus 30 minuten eerder zo goed als leeg. Nu staan er zo'n tienduizend mensen op het strand en het plein.

Op het moment dat het beeld op het strand wordt neergezet, worden honderden duiven losgelaten.

Langzaam wordt de Maagd naar de kerk gebracht.

Alle foto's van die dag hier.

De avond van de volgende dag was er een groot vuurwerk waar ook de Heilige Maagd van kon meegenieten. Zij werd er speciaal voor naar het strand gebracht en kreeg een ereplaats om zo de (overigens zeer spectaculaire) vuurwerkshow ongehinderd te kunnen bekijken.

2018-09-11

Ik leef nog.

Het is, zag ik, ongeveer tweeënhalve maand geleden dat ik het blog voor het laatst heb bijgewerkt, dus het is best wel tijd om weer eens iets van me te laten horen. De reden voor de verwaarlozing is simpel: ik ben de afgelopen maanden ontzettend lui geweest. Tweeënhalve maand heb ik geen moer uitgevoerd. Willemijn ligt nog steeds in La Gomera en zal daar nog wel een paar weken blijven liggen. Sja, wat kan ik zeggen: het bevalt hier gewoon ontzettend goed.

Het plan is om in oktober naar het zuiden (Dakar, Gambia en de Kaapverdische Eilanden) te gaan en in december opnieuw een poging te doen om de oceaan over te steken.

2018-06-29

La Gomera.

La Gomera is zonder meer het mooiste van de Canarische eilanden die ik tot nu toe heb bezocht. Het is ook de eerste plaats waar ik wel zou willen wonen. De hoofdstad San Sebastian is niet groter dan drie wijken in een Nederlandse stad en charmant.

Doordat er geen vluchten vanuit Europa naar La Gomera gaan, zijn toeristen die het eiland willen bezoeken genoodzaakt om een lokale vlucht te boeken of de veerboot te nemen. Massa-toerisme is hierdoor niet aanwezig en voorzieningen voor toeristen op het eiland zijn beperkt. En dat is wel zo fijn, want ik heb het ondertussen wel gehad met de blokkendozen vol appartementen die het aangezicht van de kustlijn bevuilen, de juweliers, zonnebrillenkraampjes, hamburgertentjes en clubs die het gebrek aan uitstraling proberen te compenseren met luide 'muziek'.

San Sebastian is een stad die gesticht werd in de tweede helft van de 15e eeuw en oorspronkelijk slechts 3 gebouwen telde: de Torre del Conde, een toren die in vrijwel ongeschonden staat midden in het park staat, een simpele hoekwoning en de Iglesia de la Asuncion. Lopende door de straatjes keur je de woningen geen tweede blik waardig, tot je voor de simpele woning staat die ooit toebehoorde aan Christoffel Columbus en je je ineens realiseert dat vrijwel alle huisjes in die straatjes stammen uit de tijd dat die beste man er verbleef.

Het eiland telt een aantal 'rogues': enorme rotsen van hard vulkanisch materiaal die ver boven het omringende landschap uitsteken. Ze zijn monumenten voor de erosie die heeft plaatsgevonden gedurende de 14 miljoen jaar dat het eiland bestaat. Ooit waren de rogues begraven in de grond, maar de zachte vulkanische as in de valleien spoelde weg door regen en werd weggeblazen door wind waardoor ze blootgelegd werden.

Er zijn punten op het eiland van waaruit men op een heldere dag tegelijkertijd Tenerife, Grand Canaria, La Palma en El Hierro kan zien. Deze punten zijn echter niet te bereiken met een auto. Dit neemt niet weg dat het huren van een auto de beste manier is om naar het startpunt van de wandelpaden te gaan. Het netwerk van wandelpaden is groot, maar het terrein is ruw. De paden zijn dus niet geschikt voor iedereen.

Door de nabijheid van Tenerife is de acceleratiezone aan de oostkust van La Gomera heftiger dan de zones van de andere eilanden. Ik voer met windkracht 2 van Tenerife naar La Gomera en werd, na 3/4 van de afstand te hebben afgelegd, op iets meer dan 5 mijl uit de kust geconfronteerd met windkracht 7. De overgang is abrupt. Voor je zie je de grens van het gebied door de schuimkoppen op de golven en het moment dat je erin vaart gaat de wind binnen seconden van 5 naar 30 knopen.


Lookout point "Morro de Agando" on La Gomera island.


Het Mulagua reservoir.

Rotsformaties in het plaatsje Hermigua.

.

San Sebastian, de hoofdstad van La Gomera.

De Torre del Conde. Hoe dit destijds de stad moest verdedigen is mij een raadsel.

Ode aan Bob Ross.

2018-06-07

Het Agana gebergte.

De noordoostelijke punt van Tenerife wordt in beslag genomen door het Agana gebergte en is zeer goed met de auto te bezoeken. Door de steilheid van het terrein zijn er nauwelijks wandelroutes. Het zuidelijke deel van het Agana gebergte is vanuit Santa Cruz goed te zien en wat opvalt is dat er altijd wel wolken boven hangen.

Vooral het noordelijke deel krijgt veel neerslag en is daarom dicht bebost. Op bepaalde plekken sijpelt het water van de rotswanden af en doet de begroeiing sterk denken aan Madeira.

Het Agana gebergte is schaars bewoond. Er zijn enkele kleine gehuchten waarvan Taganana de grootste is. Door de aanwezigheid van deze kleine plaatsjes rijdt er ook een busdienst en is een bezoek met de bus een goedkope optie. Nadeel is natuurlijk dat men niet op een van de vele parkeerhavens kan stoppen om het landschap te bewonderen. Het was hier dat ik ook weer eens hagedissen zag. Ik was ze nog niet eerder op de Canarische eilanden tegengekomen. Ze waren een stuk groter dan de exemplaren op Madeira.

.

.

.

.

.

.

Nationaal Park Teide en de Orotava Vallei.

Een aanzienlijk deel van Tenerife wordt in beslag genomen door het nationale park Teide en de gelijknamige vulkaan die het park domineert. Het park kent een grote afwisseling van landschappen. Er zijn lavavelden, vulkanische gebergten, glooiende hellingen die bedekt zijn met bloeiende planten, rotsformaties die doen denken aan Monument Valley in Arizona en natuurlijk de berg Teide.

Zelfstandig wandelen door het park is niet verboden, zoals in Timanfaya op Lanzarote. Men kan dus prima de auto op een parkeerhaven langs de kant van de weg zetten, over de vangrail stappen en het park verkennen. Stadsmensen die een eind van de weg vandaan lopen, zullen de overweldigende stilte zeker opmerken.

De berg Teide is met een kabelbaan te bezoeken, mar men mag slechts een uur bij het station aan de top verblijven. Voor een bezoek aan de krater moet van te voren een gratis vergunning worden aangevraagd en de verwerking ervan kan weken duren. Ik heb de top daarom niet bezocht. Op foto's die er door anderen zijn genomen blijkt dat er niet zo heel erg veel te zien is bij het station.

De Orotava Vallei ligt ten noorden van het park. Op de dag van mijn bezoek was het in een zee van wolken gehuld.

Het uitzicht op Santa Cruz vanaf een kilometer hoogte. Het Auditorium is ook vanaf deze afstand een zeer herkenbaar kenmerk van de stad.

Uitzicht op de Teide en het wolkendek over de Orotava Vallei.

De toppen van La Palma zijn boven een oceaan van wolken te zien.

In de buurt van het observatorium vindt men de bloemenvelden. Het enige geluid hier is het gezoem van hommels en bijen.

Dieper in het park neemt het aantal planten af. Het aantal surrealistisch gevormde rotsformaties neemt toe.

Bepaalde rotsformaties doen enigzins denken aan Monument Valley.

.

De Teide is met een hoogte van 3718 meter het hoogste punt op de Canarische Eilanden. Een deel van het jaar is hij met sneeuw bedekt.

2018-06-03

San Cristobal de la Laguna.

Laguna is de voormalige hoofdstad van Tenerife en dit is te zien. De stad bestaat voor een groot deel uit een autovrije zone die gevuld is historische en monumentale panden uit de 17e, 18e en 19e eeuw. Een kathedraal en kerken, zeer brede straten, woningen van rijke kooplieden en adelijke families en overheidspanden domineren. Als de mensen er 19e eeuwse kleding zouden dragen, de informatieborden verwijderd zouden worden en de horeca haar reclameuitingen zou verwijderen, zou het minimale moeite kosten om je in te beelden dat je je in de 19e eeuw bevindt.

De snelste verbinding tussen Santa Cruz en Laguna is de tram. Dit is de enige tram op de Canarische Eilanden en hij rijdt er om het kwartier, 24 uur per dag en 365 dagen in de week. Makkelijker kan niet.

Straat,
Geen auto's.

na straat,
Geen kutbrommers.

na straat.
En geen herrie die tegenwoordig onder de noemer 'muziek' valt.

De binnentuin van een 17e eeuwse koopmansvilla.

Santa Cruz de Tenerife.

"In santa Cruz lig je niet echt rustig. Er is altijd herrie" werd er tegen me gezegd toen ik vertelde dat ik daarheen wilde. En inderdaad: er is het monotone gebrom van de scheepsgenerator van de veerboot en er is regelmatig muziek, want elk weekend is er wel een festival. De muziek is echter niet hinderlijk. Opera, klassiek, volksmuziek... Maar geen rock, pop of house. Geen luide, dreunende bassen die tot 3 uur in de nacht doorgaan.

Verder zijn er ook geen sirenes. In Las Palmas probeerde er elke 10 minuten wel een politieauto of ambulance over de met auto's volgepakte boulevard te rijden. In Santa Cruz was de enige sirene die van een attractie die een dagje op de markt stond. De jachthaven in Las Palmas mag dan wel goedkoper zijn dan de marina van Santa Cruz, de criminaliteit was er een stuk hoger. Verschillende boaties zijn er hun vouwfiets krijtgeraakt en als de fietsen te goed waren vastgezet werden de zadels gestolen. Dit ondanks 23 camera's en een politiebureau in de marina.

De binnenstad van Santa Cruz ademt op veel plaatsen grandeur uit. De straten zijn er breed en er zijn veel monumentale gebouwen, pleinen en parken. Ook op deze punten legt Las Palmas het af.

Door het (inmiddels opgeloste) probleem met de stuurautomaat besloot ik de helmstokautomaat van de vorige boot (deze had ik meegenomen) te koppelen aan de windvaanstuurinrichting, zodat ik een backup heb. Natuurlijk moesten er wat connectoren besteld worden. De connector van de stuurautomaat was 6-polig, die van de stuurwielautomaat 4-polig. Het kostte me twee dagen om het gebruikte type te identificeren (Standard Buccaneer van het merk Bulgin) en nog een dag om erachter te komen dat er nergens 4-polige connectoren verkocht werden. Omdat alleen de +12 en 0V gebruikt worden, besloot ik ze allemaal te vervangen door het 2-polige type. Nadat de bij Conrad bestelde connectoren aan waren gekomen bleek het bedrijf deels verkeerde types geleverd te hebben. Een tweede bestelling verliep gelukkig beter.

Een inspectie van de rompanodes met de GoPro camera liet zien dat ze nog niet vervangen hoefden te worden. De boot hoeft dus ook niet op de kant. Wat de onderwaterbeelden ook lieten zien, was een lijn in de schroef. Ik vermoedde al dat ik er een had opgepikt, omdat ik tijdens de tocht van Puerto de Mogan naar Poris de Abona ineens een vibratie voelde die van de schroefas afkomstig was.

Nadat ik ongeveer twee weken had doorgebracht in Santa Cruz, kwamen kort na elkaar twee Nederlandse boten aan die ook in Las Palmas hadden gelegen en waarvan ik de bemanningen had leren kennen tijdens de Nederlandse avonden in het havencafe Mareia Baja: Spirit van Theo en Mieke Bronke en Dajak van Marten en Diny Rutten. Omdat Theo na enige dagen van plan was om in zijn kikvorspak de onderzijde van Spirit's romp te reinigen, bood hij aan om ook even langs te komen om de lijn uit Willemijn's schroef te halen. Dat ging erg snel en scheelde mij een koud bad.

Het Auditorium.

Het Castillo de San Juan Bautista dat ooit de haveningang bewaakte.

Het monument voor vissers voor de poort van de markthal.

Deel van het uitzicht vanuit de haven.

Typisch Canarische panden.

2018-05-05

Oversteek naar Tenerife.

30 april lukte het eindelijk om Pasito Blanco te verlaten. De motor liep als een tierelier en de stuurautomaat vertoonde geen kuren. 's Middags kwam ik aan in watersportplaatsje Puerto de Mogan en ging daar voor anker.

Puerto de Mogan is een klein maar druk toeristenstadje en de projectontwikkelaar die het heeft opgezet heeft er goed over nagedacht. Dat zouden er meer moeten doen. Geen lelijke hoogbouw met appartementen, maar een sfeervol, harmonisch wijkje met woningen en een aantal winkels. Deze woningen zijn met elkaar verbonden met bogen waarop planten groeien. Ook op de daken groeien planten. De steegjes ademen een autenthieke sfeer uit en de kleurrijke tuinen en parkjes maken het geheel af. Ook is goed gebruik gemaakt van het kanaal dat door de haven loopt.







Ook de oversteek naar Tenerife twee dagen later verliep zonder problemen. Ik arriveerde er in de baai van Abona en ging voor het plaatsje Poris de Abona voor anker.

De dag erna werd koers gezet naar Santa Cruz. De eerste helft verliep probleemloos, maar tijdens de tweede helft kwam ik onverwachts in een acceleratiezone terecht en had tot 40 knopen tegenwind. Het was interessant om te zien hoe snel golven in hoogte kunnen groeien. Rond 16:30 arriveerde Willemijn in de commerciële haven die naar Marina Santa Cruz leidt en voer langs een drijvend boorplatform dat er afgemeerd ligt. De reus maakte duidelijk wat voor notendopjes jachten eigenlijk zijn.

2018-04-26

Ook de tweede poging strandt.

20 april vond de tweede poging plaats. De motor liep prima, de omstandigheden waren goed en dus vertrok ik rond 10:00 uur uit Pasito Blanco.

Om 13:00 uur was ik weer terug. Rond 11:30 sloeg de motor weer af. Dit bleek slechts een restant lucht in de brandstofleiding te zijn die ik uit de leiding pompte met de nieuwe brandstofopvoerpomp. Maar terwijl ik dit deed zag ik dat het kleppendeksel van de motor was gebarsten en de motor hierdoor veel olie lekte. Slechts 6 mijl uit de kust keerde ik dus weer om. Na peilen bleek dat een kwart van de motorolie was weggelekt. Toen de stuurautomaat de dag erna ook kuren begon te vertonen was het duidelijk: een oversteek is me niet gegund.

De barst is ongeveer 20 cm lang en zet uit wanneer het kleppendeksel warm wordt.

Beun de Haas kan een boel leren van deze professionele reparatie. Een beetje rode verf erop en niemand die het ooit zal zien. Rechtsachter op de motor is de nieuwe grijze brandstofopvoerpomp te zien.

Het kleppendeksel werd in de dagen erna 'gerepareerd' met Sikaflex kit, aluminium strips en bouten. Het deksel hoeft immers slechts de olie binnen te houden. De fout in de stuurautomaat bleek veroorzaakt te worden door een tweetal deels gecorrodeerde spoortjes op de printplaat in de controle unit. Na reinigen en afdekken met nagellak die ik van de buurvrouw van het Hongaarse jacht Irreversible had geleend, deed deze het weer prima. Desondanks heb ik materiaal verzameld om de reserveautomaat die ik uit Nederland heb meegenomen op de Aries windvaanstuurinrichting te plaatsen, zodat ik een backup heb.

Hoe nu verder? Ik blijf tot eind juni in de Canarische eilanden en zal de boot eventueel op Tenerife uit het water laten halen om de romp-anodes te vervangen. Dit had ik eigenlijk in Trinidad willen doen, maar moet nu hier, want in Afrika gaat dat niet lukken. Daarna zet ik koers naar Kaapverdië en Gambia. In december probeer ik het dan opnieuw.

2018-04-11

Atlantische oversteek: de tweede poging.

Paul Straber, schipper van het Duitse jacht KOBI had alle kaarten van Senegal, Gambia, Frans Guyana en Suriname die ik nodig heb als ik daar naartoe zou willen en was zo vriendelijk om ze me te lenen zodat ik ze kon kopiëren bij een copyshop in Arguineguin, een plaatsje net ten westen van Pasito Blanco. Daar had ik eerder ook de flexibele brandstofleiding gekocht die ik nodig had om de nieuwe brandstofopvoerpomp te installeren.

Toch heb ik besloten dat ik pas een tocht naar Afrika ga maken wanneer een oversteek werkelijk geen optie meer is. Ik ben laat, maar de kans op tropische stormen in april en begin mei is nog acceptabel. Wel heb ik de route die ik eerder had uitgezet aangepast zodat ik Kaapverdië nu op minder dan een dag zeilen passeer.

Ik heb niet veel van Gran Canaria gezien. Ik heb Vegueta (de oude stad van Las Palmas), de Bandama krater en Puerto de Mogan bezocht. Hoog op het verlanglijstje stonden de rotsformaties van Rogue Nublo en het ravijn Barranco de Guayadeque, maar ik kon het even niet opbrengen om een auto te huren en lange wandelingen te maken zoals eerder in Madeira en Lanzarote.

Op zaterdag 14 april doe ik dus een tweede poging om de Atlantische oceaan over te steken. Mocht pech me weer overvallen, dan ga ik naar de Kaapverdische eilanden, Senegal en Gambia, om het in december opnieuw te proberen. De wereldreis komt in dat geval wel te vervallen en zal worden omgezet in een rondje Atlantic.

2018-03-29

Ken je de mop van die gozer die de oceaan wilde oversteken?

Op maandag 12 maart vertrok ik om omstreeks 14:00 uur uit Las Palmas in het noorden van Gran Canaria voor de oversteek naar Barbados. De volgende dag lag ik omstreeks 05:30 met motorpech in Pasito Blanco in het zuiden van hetzelfde eiland.

De wind was fantastisch, met 6,5 knopen zeilde Willemijn langs de oostkust van Gran Canaria naar het zuiden. Rond 20:00 werd er koers gezet naar het zuidwesten en belandde Willemijn in de 'windschaduw' van het eiland. Het duurt ongeveer 6 uur om dit gebied met windstilte over te steken en dus startte ik de motor. Alles ging goed tot 5 minuten na middernacht.

Want toen viel de motor uit. Herstarten lukte, maar de motor weigerde langer dan 5 a 10 seconden te lopen. Vloekend begon ik naar de zoektocht naar de oorzaak. Nu betekent geen wind niet automatisch geen deining en een boot die geen voortgang maakt beweegt in een deining alle kanten uit. De matras en bodemplaat van de eerder zorgvuldig opgeruimde achtercabine werden verwijderd voor toegang tot de motorruimte.

De schoefas draaide makkelijk. Niets in de schroef dus. Volgende verdachte was het brandstoffilter, maar dat zag er nog goed uit. Omdat het loshalen van het brandstoffilter ervoor zorgt dat er lucht in de brandstofleiding komt, is het nodig deze te ontluchten met het hendeltje van de brandstofopvoerpomp. Het moment dat ik het hendeltje bediende voelde ik dat het mis was. De brandstofopvoerpomp was defekt.

Nu heeft Willemijn een reservetank die hoger ligt dan de motor en heeft deze een compartiment van 50 liter die direkt naar de motor loopt. Voordeel is dat de zwaartekracht brandstof naar de motor vervoert. Nadeel is dat de brandstofretourleiding terug naar de hoofdtank loopt. Na de kraan van de reservetank te hebben geopend, startte de motor na enig aarzelen en bleef lopen. De dichtstbijzijnde haven bleek Pasito Blanco te zijn. Daar is ook een ankerplaats, dus werd op de stuurautomaat koers gezet naar Pasito Blanco.

En toen viel de motor opnieuw uit. Het bleek dat het brandstoffilter lekte als een tierelier. Een van de o-ringen, die net iets te groot is, bleek niet goed af te sluiten. Hierdoor werd lucht aangezogen. En zo mocht ik opnieuw in een ongemakkelijke houding in een onplezierig bewegende boot en in een onprettig ruikende dieseldamp aan de slag. Na het nodige gevloek was het probleem opgelost en werd de motor weer gestart.

De dieseldamp was hevig. En zo kwam ik erachter dat er meer brandstof door een brandstofretourleiding stroomt dan ik had gedacht. De in Las Palmas volkgetankte hoofdtank was namelijk al aan het overstromen (4 uur op de motor verbruikt ongeveer 10 liter). Met een jerrycan van 20 liter en een klein handpompje om olie uit het carter te halen wanneer dit ververst moet worden, begon ik de brandstof in de jerrycan de pompen. En net voordat ie vol was... viel de motor uit.

Ik bracht de jerrycan aan dek, gooide hem leeg in de vulopening, wachtte enige seconden en startte de motor opnieuw. Deze sloeg weer aan. En zo bracht ik de volgende 4,5 uur door met het vullen en leeggooien van de jerrycan. Het bleek dat ik per jerrycan tussen de 15 en 20 minuten kon varen. Het vullen duurde helaas ook rond de 15 minuten. Rusten was er dus niet bij.

Misselijk, moe, stinkend naar diesel en met kramp in mijn armen voer ik het haventje van Pasito Blanco in het donker binnen en legde aan aan de steiger van (ja echt) het tankstation van de haven.

De dag erna deed ik het verhaal uit de doeken aan de havenmeester. Gelukkig was een langer verblijf in de haven geen enkel probleem. Een bezoekje aan de lokale werkplaatsen van Yanmar en MAN leerde dat zij dit type pomp niet leveren en dus bestelde ik een vervanger bij Bukh dealer Clouds in Nederland. Deze arriveerde op 27 maart.

De nieuwe pomp bleek echter geen drop-in voor de oude te zijn. De aansluitingen voor de brandstofleiding bevonden zich op een andere plaats. Hierdoor was het nodig om de brandstofleiding aan te passen. Maar na montage van de pomp en de aanpassing aan de leiding sloeg de motor zonder problemen aan toen deze werd gestart.

Probleem is nu dat ik even niet weet wat ik moet doen. Theoretisch kan ik nog direkt oversteken in april, maar als ik koers zet naar Dakar, Gambia en de Kaapverden is er geen haast. Ik bevind me dan ten zuiden van de band waarin de hurricanes zich ontwikkelen en kan dan oversteken naar Brazilie, Frans Guyana of Suriname.

Ik denk dat ik ervoor zal kiezen om dit laatste te doen. Ik moet wel eerst mijn kaarten checken. Ik geloof namelijk niet dat ik kaarten heb voor Senegal, Frans Guyana en Suriname.

2018-03-11

Atlantische oversteek.

Ik weet dat ik het blog de afgelopen weken heb verwaarloost. Ik wijdt het aan de winterdip, de jaarlijkse periode tijdens de donkere maanden dat ik nergens zin in heb. Ik heb meer dan 6 weken doorgebracht op Gran Canaria en heb slechts enkele plekken bezocht omdat ik niet vooruit te branden was. De dip was gelukkig een stuk minder erg dan die van vorig jaar in Lagos. Die duurde 4 maanden, deze slechts anderhalve maand. Hopelijk heb ik er de volgende winter helemaal geen.

Morgen, maandag 12 maart, vertrek ik naar Barbados. Die tocht duurt ongeveer 21 dagen. Ik beloof dat ik het blog na aankomst zal updaten.

2018-02-27

Ook een eventuele Elfstedentocht heeft zo zijn nadelen.

De onderstaande screenshots van Windy.com maken duidelijk waarom ik nog altijd in Las Palmas ben. Door de aanhoudende koude oostenwind in Noord-Europa trekken de depressies zuidelijker dan normaal de Atlantische oceaan over en veroorzaken hier zuidwestenwind. Tegenwind dus voor mensen zoals ik die naar het zuidwesten willen. Als ik in deze omstandigheden weg zou varen, zou ik eerst zes a zeven dagen lang tegen de wind in moeten motoren, om vervolgens in een gebied met windstilte bij de Kaapverdische Eilanden te belanden. Dit is een probleem, omdat ik slechts voor 4 dagen brandstof (inclusief jerrycans) kan meenemen.
Pas volgende week woensdag lijkt hier verandering in de komen. De band (Hadleycel) met de passaatwinden breidt zich naar het noorden uit en de windstiltes die de scheiding vormen tussen de Hadleycel en de noordelijker gelegen Ferrelcel die de depressies naar het westen brengt, schuift op tot bij de Canarische Eilanden. Als ik in die situatie zou vertrekken hoef ik slechts de eerste twee dagen van de tocht te motoren.
Het is echter te vroeg om te zien wat het weer doet na woensdag. Tevens gaat het hier om een lange termijnvoorspelling. En die veranderen wel vaker plotsklaps.

De situatie op dinsdag 27 februari.

De voorspelde situatie op woensdag 7 maart.

2018-02-10

Eindelijk beter weer.

Zondag 4 februari kreeg ik bezoek van een marinero in een rubberboot die me vertelde dat er een plaats was vrijgekomen in de marina. Ik ging dus ankerop en legde dankbaar aan. Gelukkig bleken de voorspelde 50 knopen wind op woensdag en donderdag achteraf niet meer dan 40 knopen te bedragen.
Na vrijdag veranderde het weer. De niet aflatende stroom van zeer harde windvlagen en (hagel)buien die twee weken lang het weer hadden bepaald waren eindelijk ten einde. En het lijkt het erop dat het weer ook voor langere termijn goed blijft, zodat ik binnenkort kan beginnen met de oversteek naar de Carieb.

2018-02-09

De dood van Dirk.

In de zeer vroege ochtend van vrijdag 2 februari sloeg Dirk Bodewes -77 jaar oud- overboord van zijn jacht Hasta la Vista net ten zuiden van de haveningang van Las Palmas. Dirk, een zeer ervaren zeiler die regelmatig jachten naar de andere zijde van de oceaan bracht (delivieries) was zeer bekend en geliefd binnen de Nederlandse zeilersgemeenschap in Las Palmas.

Hij was de dag ervoor met een bemanningslid vanaf Tenerife vertrokken en wilde in zware omstandigheden de haven binnenlopen, toen hij erachter kwam dat de motor niet wilde starten. De oorzaak was een lege accubank door het gebruik van verouderde accu's. Hij besloot hierop om voor anker te gaan op dezelfde plaats waar Willemijn ook voor anker heeft gelegen, maar had geen anker geinstalleerd op de boeg. Dirk is vervolgens in de zware zeegang met een anker naar de boeg gelopen, zonder te zijn aangelijnd en zonder een reddingsvest te dragen. Daar heeft een golf hem overboord kunnen spoelen, doordat het oog waarmee de onderste staaldraad van de reling aan de preekstoel wordt bevestigd, was gecorrodeerd.

Het bemannningslid heeft Dirk hierop een lijn toegeworpen die ook door hem werd aangenomen. Helaas beukte zijn hoofd door een nieuwe golf tegen de romp aan waardoor hij het bewustzijn verloor. Hierop verdween hij uit het zicht. Doordat de marifoon door de lege accus niet te gebruiken was, heeft het bemanningslid hulp proberen in te roepen met de handheld backup marifoon. Maar ook daarvan bleken de batterijen leeg te zijn. Uiteindelijk bood de mobiele telefoon van het bemanningslid uitkomst en kon de reddingsdienst worden ingeschakeld.
Doordat ook de rolgenua vast bleek te zitten, was het voor het bemanningslid moeilijk om de boot in de vlagerige, harde wind van de kust weg te sturen, waardoor het jacht in eerste instantie richting de rotsen voer. Maar verdere ellende kon worden voorkomen doordat de reddingsdienst aan boord kwam, de genua streek en het jacht naar de haven sleepte. Dirks lichaam werd in de loop van vrijdag 5 mijl ten zuiden van Las Palmas op de rotsen aangetroffen.

Woensdag 7 februari was er een bijeenkomst met familie, vrienden en kennissen in de marina om afscheid te nemen van Dirk.

De schade aan de trommel van de rolgenua waardoor deze dienst weigerde is goed te zien. Ook deze schade is het gevolg van de golf. Misschien dat Dirk geprobeerd heeft zich aan de trommel vast te houden. Het is echter ook mogelijk dat het losse anker dit heeft veroorzaakt. Doordat de boot door de Guardia Civil verzegeld is, ligt de door de reddingsdienst gestreken genua nog los aan dek.

Het gebroken en opengebogen oog waarmee de onderste lijn van de reling aan de preekstoel bevestigd was. De verkleuring duidt op corrosie.

Hasta la Vista aan de steiger bij de receptie in de jachthaven van Las Palmas.

2018-02-01

Las Palmas.

Drie dagen na aankomst in Las Palmas veranderde het weer van aangenaam in absoluut waardeloos. Sinds een week is het een opeenvolging van hoosbuien die met  zware windstoten gepaard gaan. Af en toe hagelt het zelfs. Aan land gaan met de dinghy zorgt er steevast voor dat je zeiknat aankomt. Eerst voorspelde het weerbericht dat de windvlagen met 40 knopen het hardst zouden zijn op zaterdag 3 februari, maar nu is de voorspelling dat ze 50 knopen zullen zijn op de woensdag 7 en donderdag 8 februari.

Elke toename van 5 knopen wind zorgt ervoor dat de kracht op het anker verdubbelt. Met windvlagen van 50 knopen lig je 's nachts dan niet echt lekker in je nest. Al helemaal niet wanneer er de ankergrond, zoals hier, niet optimaal is er er niet genoeg ruimte is. Ik probeer daarom ook om voor woensdag een plek in de marina te krijgen. Mocht dat op maandag niet lukken, dan vaar ik dinsdag naar het zuiden van Gran Canaria waar de havens in de windschaduw van het eiland liggen. 


2018-01-27

Fuerteventura en de tocht naar Gran Canaria.

Fuerteventura is een stuk minder mooi dan Lanzarote. De laatste vulkaanuitbarsting op Lanzarote was slechts enkele eeuwen geleden en die transformeerde een groot deel van het eiland. Lanzarote heeft actieve geysers, duidelijk herkenbare vulkanen (waarvan er een vuurrood is) en zwarte vlaktes met enorme lavabrokken.

Het binnenland van Fuerteventura daarentegen lijkt zo weggelopen te zijn uit de spaghettiwesterns: een woestijn met struikjes en heuvels. Clint Eastwood en Lee van Cleef zouden er naadloos in passen. Natuurlijk zijn de heuvels vulkanen, maar veel ervan zijn inmiddels zo geërodeerd dat ze niet meer als zodanig herkenbaar zijn.

De hoofdstad van Fuerteventura is Puerto del Rosario. Het is een middelgrote stad met een zeer kleine kern. Echte monumenten zijn er niet, maar kunstliefhebbers kunnen hun hart ophalen met het grote aantal beelden dat de stad telt. De stad is de hub van Fuerteventura. Hier komen de cruiseschepen en vrachtschepen aan. Het vliegveld ligt net ten zuiden van de stad.

Gran Tarahal, de enige plaats met een noemenswaardige jachthaven, is een klein strandplaatsje dat zichzelf in 2012 een facelift gaf door alle kale muren te voorzien van muurschilderingen. Toerisme is er nauwelijks. Het plaatsje telt weliswaar een paar toeristenrestaurants, maar een souvenirwinkel is er niet.

Morro Jable is nog kleiner, maar het vakantieresort dat er net naast ligt is dat niet. Een lint van resorts, hotels, appartementen en winkelcentra strekt zich langs de hoofdweg en de kust naar het noordoosten uit. De bewoners en vakantiegangers zijn voor het grootste deel Duitsers. Ik zou er geen vakantie willen vieren en er al helemaal niet willen wonen. Er is hier verder niets. Geen natuurpracht en geen bruisende miljoenenstad. Alleen zand, horeca, winkelcentra en toeristenwinkeltjes.

Op zondag 20 januari verliet ik Gran Tarajal en werd er koers gezet naar Punta Jandia, het uiterste puntje van Fuerteventura, om daar een nacht voor anker te liggen. De bewegingen van de boot voor anker vielen mee, maar de ankerketting die over de rotsachtige bodem schraapte zorgde voor de nodige geluidsoverlast in de kajuit.

Fuerteventura in 1 foto.

Bruisende metropool Gran Tarajal. Groot genoeg voor een pizzeria, te klein voor een souvenirwinkel.

Geen kale muren meer in Gran Tarajal. Misschien is het een idee voor steden met veel kale muren om de muurschilderingen een stripverhaal te laten vormen en een wandeltocht uit te stippelen zodat de afbeeldingen in volgorde kunnen worden bekeken.

Het begin van het lint aan toeristenresorts naast Moro Jable.

De tocht naar Las Palmas verliep de volgende dag uitstekend, maar ik was gedwongen om de motor te gebruiken om bij daglicht aan te komen. Onderweg had ik eindelijk succes in het fotograferen van de dolfijnen die weer eens rond Willemijn zwommen. Nou ja, succes... Veel van de foto's zijn enigszins wazig. Het goed fotograferen van een razendsnelle dolfijn op een schommelende boot, door een fotograaf die probeert overeind te blijven staan, vereist duidelijk meer oefening. Een tweede probleem is het feit dat ze overal kunnen opduiken, maar dat je niet alles tegelijkertijd in de gaten kunt houden. Het beste moment kwam toen een dolfijn op zo'n 2 meter naast de kuip volledig uit het water sprong. Ik draaide me snel genoeg om om het dier aan te kijken, maar te langzaam om er een foto van te maken.

Bij aankomst bleek Las Palmas in een nevel te zijn gehuld. met nog 3 kwartier aan daglicht te gaan ging ik voor anker in het baaitje net ten noorden van de jachthaven.

De kustlijn van Fuerteventura net ten noordoosten van Morro Jable.

Naast de boot zwemmen was dit keer niet voldoende voor Flipper en co. Verschillende malen sprongen ze uit het water.



Schepen in de nevel voor anker buiten Las Palmas.